Glaucoom / oogdruk

Glaucoom is de naam van een groep ziekten die wordt gekenmerkt door een combinatie van:

Een te hoge oogdruk;

Kenmerkende veranderingen aan de kop van de oogzenuw;

Gezichtsvelduitval.

In het oog wordt vocht aangemaakt voor de voeding van het hoornvlies en de lens. Dit vocht (niet te verwarren met het traanvocht aan de buitenkant van het oog) verlaat het oog ongemerkt via een afvoer die zich bevindt op de grens van het oogwit en het gekleurde deel van het oog, de iris. Als deze afvoer minder goed werkt, kan de vocht moeizaam weg en neemt de druk binnen de oogbol toe.

Glaucoom is meestal chronisch en de schade ervan onomkeerbaar; deze schade kan alleen worden vertraagd. In de beginfase van glaucoom merkt u niets. Vandaar dat het vroegtijdig opsporen van glaucoom noodzakelijk is. Regelmatige controle en een goede behandeling kunnen verdere aantasting aan de oogzenuw voorkomen. Glaucoom komt meestal bij beide ogen voor.

Te hoge oogdruk

Open-kamerhoek glaucoom

De afvoer van de vocht bevindt zich tussen het hoornvlies en de iris. De oorzaken voor een minder goed werkende afvoer (en dus een stijging van de oogdruk) kunnen zeer uiteenlopen. Bij de meeste patiënten is sprake van een zogenaamde 'open-kamerhoek glaucoom'. Bij hen is de afvoer wel toegankelijk maar inwendig verstopt.

Nauwe- of gesloten-kamerhoek glaucoom

Bij patiënten met een "nauwe- of gesloten-kamerhoek glaucoom" is het omgekeerde het geval. Bij hen is de afvoer goed, maar niet toegankelijk omdat de iris deze afsluit. Deze laatste vorm van glaucoom komt vooral voor bij volwassenen die verziende zijn. De oogdruk bij deze vorm van glaucoom is meestal met tussenpozen verhoogd. De momenten van hoge druk (soms wel drukpieken genoemd) treden vaak onopgemerkt op. Als de drukpieken wat langer aanhouden, of zeer hoge oogdrukken geven, kunnen patiënten soms tijdelijk wazig zien. Deze drukpieken treden in het begin vaak 's avonds op, maar kunnen later over de hele dag verspreid optreden. Ook worden ze gaandeweg vaak heviger, met hogere oogdrukken tot gevolg. Naast wazig zien, kunnen patiënten dan hoofdpijn en misselijkheid ontwikkelen.

Overige oorzaken

Naast open-kamerhoek glaucoom en gesloten-kamerhoek glaucoom zijn er nog vele andere oorzaken voor een te hoge oogdruk, zoals bijvoorbeeld een oogongeval, een oogoperatie, bepaald medicijngebruik of sommige aangeboren afwijkingen.

De oogdruk is te hoog wanneer die schade aan de oogzenuw veroorzaakt. Hoe hoger de oogdruk (bij herhaling gemeten), hoe groter de kans op schade. Bij vele patiënten is dat bij een waarde boven de 21 mm kwikdruk. De kans op schade aan de oogzenuw is echter niet voor iedereen gelijk. Daarom wordt altijd naar de oogzenuw gekeken om te weten of de oogdruk voor de persoon in kwestie te hoog is.

Zolang de oogdruk geen schade aan de oogzenuw veroorzaakt of dreigt te veroorzaken, is behandeling niet nodig. De oogdruk mag zelfs oplopen tot wel tot 30 mm kwikdruk. Belangrijk is dat er regelmatig gecontroleerd wordt of de oogzenuw onbeschadigd blijft. Wanneer er wel schade aan de oogzenuw is, trekken we de bovengrens voor een acceptabele oogdruk vaak bij 15 of zelfs 12 mm kwikdruk.

Verandering aan de oogzenuw

Het licht dat het oog bereikt wordt omgezet in electrische stroompjes die via een miljoen afzonderlijke zenuwvezeltjes naar de hersenen gaan. Al deze zenuwvezeltjes samen vormen een bundel en noemen we de oogzenuw. De plaats waar de oogzenuw het oog verlaat is een 'zwakke plek'. Wanneer de druk in het oog te hoog wordt, gaat deze 'zwakke plek' meegeven en daarbij worden de zenuwvezeltjes die samen de oogzenuw vormen afgekneld. Die afknelling leidt uiteindelijk tot het afsterven van die zenuwvezeltjes.

Het meegeven en afsterven van de oogzenuw geeft kenmerkende veranderingen die de oogarts kan zien wanneer hij met een lampje en een vergrootglas de binnenkant van het oog bekijkt. De veranderingen kunnen met een foto of scan worden vastgelegd en gecontroleerd.

Gezichtsvelduitval

Door het afknellen en afsterven van de oogzenuw, wordt de verbinding tussen het oog en de hersenen langzaam, maar blijvend, beschadigd. Het gevolg is dat er stukken uit het gezichtsveld verdwijnen en 'kokerzien' ontstaat. Het gezichtsveld is het totale beeld dat u ziet als u naar één punt kijkt. Een eventuele beschadiging van het gezichtsveld kan met behulp van een gezichtsveldonderzoek worden vastgesteld en gecontroleerd. Bij iemand met glaucoom wordt het gezichtsveld regelmatig onderzocht, veelal eenmaal per jaar. Beginnende gezichtsvelduitval wordt door de patiënt meestal niet opgemerkt, onder meer omdat de hersenen de ontbrekende delen van het gezichtsveld er zelf bij verzinnen. Pas bij uitgebreide gezichtsvelduitval merkt de patiënt stoornissen in het gewone zien.

Glaucoom tast pas in een laat stadium de gezichtsscherpte aan en kan dan tot blindheid leiden.

Soorten behandelingen

Het is belangrijk dat de oogdruk blijvend wordt verlaagd. Dit kan op drie manieren of een combinatie ervan:

Met behulp van medicijnen; dit zijn meestal oogdruppels, maar soms worden ook tabletten voorgeschreven

Een laserbehandeling:

  • perifere iridotomie PI
  • iris-basiscoagulatie
  • lasertrabeculoplastiek LTP
  • transsclerale cyclophotocoagulatie TCP

Een operatie:

  • drainage-implant
  • trabeculectomie
  • Adviezen
  • Oogdruppelen

De belangrijkste maatregel die u zelf kunt treffen is het trouw gebruiken van uw oogdrukverlagende oogdruppels. Omdat glaucoom pas in een laat stadium klachten geeft en oogdruppels vaak bijwerkingen hebben, is het zeer belangrijk dat u niet stopt met de druppels. Heeft u problemen met de oogdruppels, bespreek dit met uw oogarts. Ook wanneer u andere medicijnen gebruikt of een aandoening hebt van hart of longen wil de oogarts dat graag weten.